U bent hier:

Van je baas stelen: de wet versus de praktijk

Misschien heb je weleens overwogen om iets mee te nemen van het werk, of in ieder geval nagedacht over de mogelijke gevolgen? Hoewel diefstal op het werk in theorie een duidelijke reden is om iemand te ontslaan, blijkt de praktijk een stuk minder rechtlijnig. Rechters kijken niet alleen naar wat er is gestolen, maar ook naar wie de werknemer is, hoe lang hij al in dienst is en wat de gevolgen van het ontslag voor hem zijn. Dat leidt soms tot verrassende uitkomsten.

Volgens de wet kan diefstal een zogeheten dringende reden opleveren voor ontslag op staande voet. Dat betekent dat de werkgever het dienstverband per direct mag beëindigen, zonder opzegtermijn. De werknemer verliest daarmee niet alleen zijn baan, maar ook zijn recht op een WW-uitkering: wie verwijtbaar werkloos is, vangt bot bij het UWV. Diefstal staat zelfs expliciet in de wet als voorbeeld van zo'n dringende reden. Toch is dat niet het hele verhaal.

Twee blikken motorolie, een heel leven werk

Neem de zaak van een werknemer die na 35 jaar trouwe dienst op zijn allerlaatste werkdag twee blikken motorolie niet afrekende. Zijn werkgever ontsloeg hem op staande voet. Daarmee verloor hij niet alleen zijn baan, maar ook de financiële regeling die bij zijn vertrek was afgesproken. De Hoge Raad greep in. Zij vonden dat de rechtbank te weinig gewicht toegekend had aan de enorme financiële klap die het ontslag voor de werknemer betekende, zeker afgezet tegen de geringe waarde van de gestolen spullen.

Een doos tompouces

Een vergelijkbaar spanningsveld speelde in een zaak waarin een werkneemster een beschadigde doos tompouces meenam naar huis zonder te betalen. Haar werkgever had een zerotolerancebeleid en vond ontslag op staande voet gerechtvaardigd. De rechter dacht daar anders over. De vrouw werkte al meer dan twintig jaar bij het bedrijf en was volledig afhankelijk van haar inkomen. Bovendien had de werkgever het beleid nooit goed uitgelegd aan het personeel. Dat bleek doorslaggevend, de rechter oordeelde dat ontslag op staande voet een te zware straf was.

Een zerotolerancebeleid waarbij iedere vorm van diefstal altijd wordt bestraft, ongeacht de waarde kan de positie van een werkgever wel degelijk versterken. Maar dan moet het beleid aan drie voorwaarden voldoen: het staat op papier, alle werknemers weten ervan, en het wordt altijd consequent toegepast. Wordt één geval door de vingers gezien, dan verliest het beleid bij de rechter zijn betekenis.

Strafrecht en arbeidsrecht lopen niet gelijk

Opvallend is ook dat ontslag en strafrechtelijke vervolging twee aparte trajecten zijn. In een zaak waarbij een kassamedewerker geld verduisterde, besloot het Openbaar Ministerie niet te vervolgen wegens gebrek aan bewijs. Toch oordeelde de kantonrechter dat het ontslag op staande voet rechtsgeldig was. In het arbeidsrecht gelden nu eenmaal andere bewijsregels dan in het strafrecht.

Klein vergrijp, grote gevolgen

Diefstal op het werk levert altijd een vertrouwensbreuk op, dat staat buiten kijf. Maar of ontslag op staande voet gerechtvaardigd is, hangt af van veel meer dan alleen de vraag of er iets is gestolen. De rechter kijkt naar het gehele plaatje. Dat maakt het ontslagrecht op dit punt complex, maar ook rechtvaardig: er is geen automatisme, ook niet als iemand heeft gestolen.

 

Bronnen

Ontslag door diefstal van een werknemer in de praktijk - Arbeidsrechter.nl

https://www.arbeidsrechter.nl/diefstal-ontbinding-einde arbeidsovereenkomst/

Ontslag op staande voet bij diefstal

https://www.raadadvocaten.nl/actueel/blog/ontslag-op-staande-voet-bij-diefstal

ECLI:NL:HR:1999:ZC2849

ECLI:NL:RBNNE:2014:3863

ECLI:NL:PHR:2000:AA4436